Gelukkig komt dit op onze school maar zelden voor. Schorsen wil zeggen dat een kind tijdelijk de toegang tot de school wordt ontzegd. Dat kan alleen als het bestuur van de school daartoe besluit. In zo’n geval worden de ouders/verzorgers schriftelijk geïnformeerd. Er kan tegen zo’n besluit bezwaar worden aangetekend. De schorsing, langer dan een dag, wordt doorgegeven aan de onderwijsinspectie en leerplichtambtenaar. De school verzorgt het onderwijs gedurende de schorsing.

Schorsing kan een ordemaatregel zijn, maar ook een voorbereiding op een definitieve verwijdering van school. Dat laatste komt uiteraard alleen in extreme situaties voor. Bijvoorbeeld als een kind zich voortdurend agressief gedraagt dat de gang van zaken op school ernstig verstoord. Of als ouders/verzorgers zich zo agressief of bedreigend gedragen dat de veiligheid van de kinderen of het personeel in gevaar komt.

Daarnaast kunnen leermogelijkheden van een kind of de (on)mogelijkheden van de school reden voor verwijdering zijn. Daarmee wordt een situatie bedoeld waarin de school een kind niet de  juiste hulp kan bieden om de school zinvol te doorlopen, terwijl bovendien de pogingen daartoe de organisatie onevenredig zwaar belasten. In alle gevallen is er sprake van een zeer zorgvuldige procedure.

De regels over schorsing en verwijdering zijn gebaseerd op artikelen 40 en 40c van de Wet Primair Onderwijs.

Schorsing

Schorsen is een maatregel die we zoveel mogelijk willen voorkomen. Daarom proberen we in een vroeg stadium samen naar oplossingen te zoeken. Soms is een schorsing toch nodig. Een schorsing duurt maximaal vijf schooldagen. Als een schorsing langer dan één dag duurt, melden we dit bij de onderwijsinspectie.
Bij een schorsing overleggen de directeur, het bestuur, de leerkrachten, de ouders en het kind met elkaar. Tijdens de schorsing kijken we samen naar mogelijke oplossingen.

Verwijdering

Een kind kan worden verwijderd als:

  • De relatie tussen de leerling of ouders en de school onherstelbaar is beschadigd.
  • De school niet kan voldoen aan de ondersteuningsbehoefte van het kind.

Het bestuur beslist over de verwijdering. Dit gebeurt altijd schriftelijk, na overleg. Het besluit wordt gedeeld met de ouders, de directeur, de leerplichtambtenaar en de onderwijsinspectie.

Samen met het samenwerkingsverband IJssel|Berkel zoeken we een andere geschikte onderwijsplek voor het kind. Het kind mag pas definitief worden verwijderd als een andere onderwijsplek bereid is hem of haar toe te laten.

Bezwaar maken

Ouders kunnen binnen zes weken bezwaar maken tegen een verwijderingsbesluit. Dit doen ze bij het bestuur. Als ouders bezwaar maken, hoort het bestuur hen en krijgen zij inzage in de rapporten en adviezen die gebruikt zijn voor het besluit. Het bestuur neemt binnen vier weken een besluit over het bezwaar. Tijdens deze procedure kan het kind niet naar school.

Protocol Toelating, schorsing en verwijdering (PDF 220 kB)