Extra ondersteuning
Soms hebben leerlingen meer ondersteuning nodig dan dat wat de basisondersteuning (Niveau 1) biedt en dan.....
Dan wordt er gekeken naar extra ondersteuning/Specifieke Ondersteuningsbehoeften (Niveau 2)
De populatie kenmerkt zich door een grote diversiteit aan ondersteuningsvragen, welke worden geadresseerd middels gespecialiseerde interventies en methodieken:
-Neurobiologische ontwikkelingsstoornissen
Voor leerlingen met (kenmerken van) ADHD, ADD en ASS hanteert de school een structuurgerichte aanpak:
Methodiek: Inzet van de Stop-Denk-Doe strategie (Meichenbaum) voor zelfregulatie en de 'Geef me de vijf'-methodiek voor eenduidig en concreet taalgebruik.
Interventies: Gebruik van visualisaties (dagprogramma's, pictogrammen), time-timers voor tijdsbesef en het bieden van extra schakeltijd tussen activiteiten.
-Sociaal-emotionele en gedragsvraagstukken
Voor leerlingen met Hechtingsproblematiek, Trauma en ODD staat de relatie centraal:
Methodiek: De leerkrachten hanteren een 'traumabril' om gedrag te duiden vanuit een traumasensitieve invalshoek.
Interventies: Het bieden van een veilige afreageerplek, het verwoorden van emoties door de leerkracht en het stellen van zakelijke grenzen zonder machtsstrijd. Er wordt gewerkt met individuele planners en zichtbare beloningssystemen.
-Specifieke leer- en communicatiestoornissen
Bij Dyslexie, Dyscalculie en TOS (Taalontwikkelingsstoornis) ligt de nadruk op didactische compensatie:
Methodiek: De leerkracht past modeling toe (hardop voordoen en stappen verwoorden) om denkprocessen te structureren.
Interventies: Inzet van voorlees-software, stappenplannen, concreet multi-zintuiglijk materiaal en visualisatie bij auditieve instructie. Bij dyscalculie is het gebruik van kladpapier en rekenspellen standaard.