De groepen zijn samengesteld met leeftijd, sociaal-emotionele ontwikkeling en didactisch niveau als criteria. Om de leerling vertrouwen te geven vinden wij het belangrijk dat leerlingen aangesproken worden op hun eigen niveau. Het onderwijs moet een uitdaging zijn voor de leerlingen. Onderwijs op maat is het uitgangspunt.
Dit heeft tot gevolg dat leerlingen aan het einde van een schooljaar niet automatisch doorgeschoven worden naar een volgende groep. Aan het einde van een schooljaar bekijken de KC'ers in overleg met het team welke leerlingen het best bij elkaar in een groep kunnen zitten. De drie criteria gelden als uitgangspunt. De leerling zal altijd verder gaan met de leerstof waar hij of zij gebleven is.
- In de groepen 1 t/m 4 zitten leerlingen in de leeftijd van 4 tot 9 jaar. In deze groepen wordt het voorbereidend en aanvankelijk leesonderwijs gegeven.
- In de groepen 5 t/m 7 zitten leerlingen in de leeftijd van 9 tot 11 jaar.
- In groep 8 zitten leerlingen van 11 en 12 jaar. Deze leerlingen gaan aan het einde van het schooljaar van school.
De groepsgrootte voor het speciaal basisonderwijs is vastgelegd op 15 leerlingen, uitgezonderd de kleutergroepen waarin maximaal 12 leerlingen mogen zitten.
Sociaal emotionele ontwikkeling
SBO het Mozaïek is een Vreedzame school. Doordat wij de lessen vanuit Vreedzaam structureel hebben geimplementeerd in ons lesprogramma, worden de leerlingen getraind en gebruiken wij Vreedzaam als oefenplaats voor de leerlingen. Om de voortgang van leerlingen te meten schrijven wij in het OPP hoe de leerlingen zich ontwikkelen en meten wij de voortgang middels een vragenlijst uit Kindbegrip.
Groep 1/2
In deze groep zitten maximaal 12 kinderen van 4, 5 of 6 jaar. De leerkracht heeft in deze groep ondersteuning van een onderwijsassistent. Ook is er een intensieve samenwerking met de logopedist, omdat de mondelinge taal bij deze leeftijdsgroep volop in ontwikkeling is.
Het spelend leren staat centraal en als belangrijke voorwaarde hierbij bieden wij de kinderen een ‘rijke’ speelomgeving aan, zodat ze uitgedaagd en gestimuleerd worden om al ontdekkend en ervarend te leren.
Het spelend leren is de basis voor het schoolse leren. Als de leerkracht signaleert dat een kind er aan toe is, worden de beginselen van het lezen, schrijven en rekenen aangeboden. Zo kan een kind al spelend lerend een start maken met het lees-, schrijf- en rekenproces.
Leesonderwijs
Groep 1,2 en 3
Voorbereidend lezen o.a. m.b.v. de methode Kleuteruniversiteit
Aanvankelijk technisch lezen m.b.v. de methode Veilig leren lezen (Kim-versie)
- Elke dag minimaal 90 minuten besteden aan de leesles
- Oefensoftware inzetten
- Zoemend lezen als voorbeeld strategie
- Veilig stap voor stap als oefenstof, maar ook tweede maan versie
- Meetmomenten na kern 2, 4 en 6
- BOUW! Voor zwakke lezers
- Voor – koor – door lezen (Connect)
- Veilig en vlot, veilig gespeld
- Speelleesset
- Kernspelletjes à kern 1 t/m 6
- Verwerking in werkboekje
- Integratieles lezen verplicht
- Integratieles woordenschat aan te raden (komen terug in de oefensoftware)
thema's VLL worden ingezet t.b.v. wereldoriëntatie
Groep 4 tot en met 8
- Voortgezet technisch lezen m.b.v. de methode Estafette
- Begrijpend lezen middels Nieuwsbegrip
- Begrijpend lezen middels Alles in 1
Voortgezet technisch lezen
- Elke dag 40 minuten besteden aan de leesles
- Leerlingen worden ingedeeld in leesgroepen, op hun hoogst gescoorde instructieniveau
- Tot AVI M5 vier keer per week technisch lezen.
- Vier periodes van acht tot tien weken; twee periodes bevatten één niveau
- Aanpak 1 wordt ingezet voor álle leerlingen (veel begeleiding, instructie en hardop oefenen)
- Aanbod middels de Connect-methodiek: voor – koor – zelf, veel faciliteren
- Verwerking in een werkboekje
- BOUW! / RT lezen voor zwakke lezers inzetten
- In januari en juni worden de AVI en DMT-toetsen afgenomen door de ib’ers
- Tijdens de niveauleesgroep is er geen tijd ingeruimd voor lezen in het biebboek: dit gebeurt op andere momenten in de eigen klas.
Begrijpend lezen
- Eenmaal per week 40 minuten Begrijpend lezen adhv Nieuwsbegrip
- We gebruiken de niveaus groep 4 AA Alfa voor de lagere groepen
- Vanaf niveau M5 één keer per week Nieuwsbegrip
In januari en juni afname Cito Begrijpend Lezen
Taalonderwijs
Groep 1 t/m 4
Om de fundamentele taal-spellingdoelen te bereiken wordt bij de kleuters gewerkt met de methode Kleuteruniversiteit, waarin middels thema’s toegewerkt wordt naar een grotere woordenschat, taalbegrip en toepassen van taal/spraak in alledaagse situaties. Leerlingen worden bewust gemaakt van de koppeling gesproken en geschreven taal.
- In groep 3 wordt gewerkt met de methode Veilig Leren Lezen (versie Kim), waarin een geïntegreerd aanbod is gegarandeerd voor de lees-, spelling-, taal- en woordenschatontwikkeling. Daarnaast wordt de methodiek Taal in Blokjes ingezet, om de klank-tekenkoppeling in het spellingproces te visualiseren en te ondersteunen. Zodra leerlingen AVI M3 behaald en kern 8/9 doorgewerkt hebben wordt de overstap gemaakt naar de methode Taaltijd (spellingdeel) 3B en daarop aansluitend Taal/Spelling op Maat deel 3.
- Leerlingen in groep 4/5 die meer aankunnen gaan door in werkboek ToM/SoM deel 4A.
- In groep 5 en hoger wordt digitaal gewerkt m.b.v. de methode Snappet.
In het SBO hebben leerlingen meer leer- en oefentijd nodig om de taal-spellingsvaardigheden onder de knie te krijgen. Veel herhaling, visueel dictee en blijvende ondersteuning van Taal in Blokjes is van belang.
Tevens is er specifiek gekozen voor het werken op papier omdat is aangetoond dat in de fase van het aanvankelijk spellen de motorische verwerking (letters/woorden schrijven) ondersteunend is aan het begrip en de verwerving van taal-spellingvaardigheden.
- Kleuteruniversiteit in groep 1/2
- Veilig Leren Lezen (versie Kim) in groep 3
- Taaltijd (spelling) deel 3B in groep 4
- Taal – Spelling op Maat in groep 4
- Taal in Blokjes
- Vijf keer per week 90 minuten lees-taal-spellingonderwijs groep 3
- Vijf keer per week 60 minuten lees-taal-spellingonderwijs groep 4
- Elke dag visueel dictee
- Klassikale instructie
- Expliciete Directe Instructie
- Directe feedback
- Extra oefenstof (o.a. oefensoftware VLL, werkboekjes oude versie VLL/VSVS, enz.)
Groep 5 t/m 8
Vanaf schooljaar 2025-2026 wordt er vanaf groep 4/5 gestart met de implementatie van de methode STAAL versie 2. Bij deze methode is de verwerking op papier en de extra oefening digitaal. De methode gaat uit van de methodiek van José Schraven: ‘Zo leer je kinderen lezen en spellen.
In het SBO hebben leerlingen meer leer- en oefentijd nodig om de taal-spellingsvaardigheden onder de knie te krijgen. Veel herhaling, visueel dictee, ondersteuning door middel van gebaren.
Tevens is er specifiek gekozen voor het werken op papier omdat is aangetoond dat de motorische verwerking ondersteunend is aan het begrip en de verwerking van taal- en spellingsvaardigheden.
Spelling en grammatica:
- Groep 4: Na VLL kern 7 wordt gestart met STAAL spelling groep 3
- Groep 5 t/m 8: In deze groep wordt gewerkt met de stof van spelling groep 4-5-6 (7 en 8).
- De groepsopstelling is frontaal.
- Er wordt gewerkt op papier. De oefensoftware is voor extra oefening.
- Eén spellingles wordt over 2 lessen verdeeld.
- Vijf keer per week 30 minuten spellingonderwijs is groep 5 t/m 8. Op vrijdag is de herhalingsles. Deze kan eventueel vervallen als er ‘korte weken’ zijn.
- Ieder les bestaat uit: opfrissen, klankgroepen woorden, instructie, oefendictee en nabespreken. Het werkboek kan gebruikt worden in tijdens de les, maar kan ook ingezet worden als zelfstandig werk.
- Week 4 is een volledige herhalingsweek.
- Vanaf groep 5 wordt gestart met het werkwoordschema.
- In groep 4 en 5 is het schrijven ook een onderdeel van de spellingles. De werkbladen hiervoor zitten achterin het werkboek. Voor de spellingles is dan iets meer tijd nodig.
- Er wordt alleen materiaal van STAAL gebruikt! Geen extra toevoegingen qua werkbladen!
Taal:
- Vijf keer per week 45 minuten taal of vier keer per week 45 minuten taal
- In combinatiegroepen wordt aan dezelfde thema’s gewerkt (de ene keer een thema van het ene niveau, de andere keer van het andere niveau).
- De kinderen hebben allemaal een setje van 2 staalthema’s (2x magazine en 1 omkeerwerkboek).
- De Grej van STAAL misschien op vrijdag mee… Niet als huiswerk. Op maandag bespreken.
- Opbouw van een les: introductie, instructie/begeleide oefening, zo zit het, probeer het, zelfstandig werken, verlengde instructie, reflectie, (meer oefenen: Staaltjes voor op weektaak).
- Oefensoftware: woordenschat oefenen
Rekenonderwijs
Groep 1 t/m 4
- Vijf keer per week 50 minuten rekenonderwijs
- Kleuteruniversiteit groep 1-2
- Leerlijnen Jonge Kind Parnassys
- Wereld in Getallen versie 4 deel 3A1 en 3A2
- Wereld in Getallen versie 5 deel 3 basis papier, met oefensoftware
- Wereld in Getallen versie 5 deel 4 basis papier, met oefensoftware
- Snappet?
- Werken volgens het IJsbergmodel (protocol ERWD)
- Elke dag 15 minuten automatiseren
- Klassikale instructie
- Expliciete Directe Instructie
- Modelen: handelingen ondersteunen met rekentaal
- Directe feedback
Extra oefenstof (o.a. Maatwerk, Sommenversneller, Met Sprongen Vooruit)
Groep 5 t/m 8
- Rekenen via Snappet (vanaf groep 5)
- Rekenen 5x per week, 50 minuten
- Groepsdoorbrekend (rekenen in niveaugroepen)
- Opbouw les: instructie groep (opdracht 1), verwerking individueel (opdracht 2 en minimaal 20 plusjes), werkpakket
- Indien er sprake is van 2 instructiegroepen vergt dit een andere organisatie
Eén instructiegroep start met zelfstandig werken in het werkpakket terwijl de andere instructiegroep instructie krijgt. Na ongeveer 20 minuten wisselen de groepen
- Afspraken over controle/ volgen/ voortgang dienen nog gemaakt te worden.
Alles in 1 (wereldorientatie)
In groep 1/2 wordt gewerkt met projecten. Hierbij wordt o.a. gebruik gemaakt van de materialen van de Kleuteruniversiteit.
De methode De Zaken wordt gebruikt in de groepen 3 en 4. Met deze methode leren de kinderen zichzelf en de wereld ontdekken op een veilige manier. In de methode wordt veel aandacht besteed aan spreken en luisteren. De lessen zijn interactief en wakkeren de natuurlijke nieuwsgierigheid van de kinderen aan met leuke filmpjes, afbeeldingen en spelletjes.
Alles-in-1 is een methode bestemd voor de groepen 5 t/m 8. Alles-in-1 werkt met projecten waarin leerstof is opgenomen van alle vakken, behalve van de vakken rekenen, vernieuwd niveau lezen en bewegingsonderwijs. Er zijn 20 projecten met thema’s binnen de vakgebieden: aardrijkskunde, geschiedenis, natuur, cultuur en techniek. Binnen de context van een project leren de kinderen; begrijpend en studerend lezen, Engels, wereldoriëntatie, expressie, omgaan met de computer, sociale vaardigheden en werkstukken maken.
Alles-in-1 is op zes verschillende niveaus geschreven zodat ieder kind op zijn eigen niveau zich de stof eigen kan maken. Er is aandacht voor verschillende leerstijlen/intelligenties. Schriftelijk werk, computeropdrachten, doe opdrachten en expressie activiteiten wisselen elkaar af, waardoor ieder kind niet alleen leest en kijkt, maar ook ervaart.
Huiswerk
Huiswerk kan deel uitmaken van het lesprogramma. Het huiswerk kan verschillende vakgebieden betreffen, zoals: leesbegeleiding, logopedie, spelling, spreekbeurt. We gaan er vanuit dat de ouders hun kind ondersteunen bij het maken van het huiswerk.
Bewegingsonderwijs
Alle groepen hebben twee keer in de week bewegingsonderwijs. Deze lessen worden gegeven door een vakleerkracht die speciaal hiervoor is opgeleid.
De lessen bestaan uit een veelheid van bewegingsgebieden zoals spellessen met variaties op voetbal, trefbal, korfbal, volleybal, badminton en hockey. Maar ook de toestellen komen veelvuldig aan de beurt zoals touw- en ringenzwaaien, balanceren, klimmen en klauteren, minitrampspringen enz.. De vakleerkrachten streven ernaar dat ieder kind op zijn niveau aan de lessen kan meedoen. Veelal werken de kinderen daarom waar mogelijk in kleine groepjes aan de opdrachten/onderdelen waarbij de vakleerkracht extra aandacht kan geven waar dat nodig is. We volgen de leerlijnen op het bewegingsonderwijs CED.